dinsdag 28 juli 2015

'Dinsdagochtendblues'

Ik ben vanochtend de dag begonnen met  kant twee van 'Kind of Blue'. Kant één had ik gisteren aan het begin van de nacht gedraaid, omdat ik niet kon slapen. Zo was ik zonder dat ik het door had met m'n kloptelefoon op in slaap gevallen, vlak nadat de laatste klanken van 'Blue in Green' klonken. Ik wilde eigenlijk beginnen aan het schrijven van het vierde deel van 'Jazz, meer dan muziek'. Maar ik wil er nog even mee wachten, omdat ik weet dat jazz voor velen muziekliefhebbers een moeilijk gebied kan zijn. Een genre wat moeilijk te begrijpen is, soms misschien als een bij mekaar geraapt zooitje klinkt. Daarom een wat algemener bericht.

Ik moet trouwens nog zeggen dat ik gisternacht of vanochtend, het is maar net hoe je het wilt benoemen, begonnen was met 'Freedom Suite' van Sonny Rollins. Ik luisterde naar deze plaat terwijl ik aan het lezen was in 'Dromen van Johanna' het boek bij de cd van Ernst Jansz. Een aantal jaren geleden, ik schat ergens in 2010, was hij klaar met het vertalen van een aantal teksten van Bob Dylan naar het Nederlands. Tijdens dit proces heeft hij een aantal brieven geschreven aan een vriend, in het boek H. genoemd. Hierin vertelt hij regel voor regel wat hij vertaald heeft en waarom, wat hij weggelaten heeft en iets anders voor in de plaats gekozen heeft. Soms zinnen heeft omgewisseld of van enkelvoud meervoud gemaakt heeft. Dit alles met nog een aantal wetenswaardigheden over de achtergrond van de teksten. Over Edie Sedgewick, een mogelijke vriendin van Dylan, over Sara, over de bijbel als inspiratiebron voor Dylan. Al zegt Ernst Jansz zelf de teksten vanuit een atheïstisch oogpunt te willen bezingen. Daarom vertaald hij bijvoorbeeld de strofe 'In the fury of the moment I can see the Master's hand' met 'in het brandpunt van het ogenblik zie ik de meesterhand'. Meester zonder hoofdletter dus, Ernst Jansz heeft het niet over God, Dylan vrijwel zeker wel. Er wordt een aantal keer geciteerd uit het boek 'Ik Jan Cremer derde boek', al betwijfel ik of Jan Cremer de gebeurtenissen die hij bijschrift echt heeft meegemaakt of gewoon uit z'n duim zuigt, zie voor aanvulling hier. Hij beweert verantwoordelijk te zijn voor te titel van 'Visons of Johanna', volstrekt belachelijk als je het mij vraagt. Al met al is het boek zeker een aanrader, ik heb het immers in één dag uitgelezen. De cd is ook zeker niet onaardig. Al is het misschien een beetje een zwakke productie. Ik ben van mening dat de vertalingen beter uit de verf hadden kunnen komen. Daarom zou ik willen aanraden om de live-dvd ook zeker te bekijken.

Ik had het boek zo rond twee uur uit, luisterde nog even verder naar 'Kind of Blue' en viel dus zoals gezegd met m'n koptelefoon nog op in slaap.

Vanochtend begon ik dus met kwant twee van 'Kind of Blue' terwijl ik begon met lezen in 'Een studie in rood' of de beter klinkende originele titel 'A Study in Scarlet'. Het eerste boek over Sherlock Holmes en Dr. John Watson geschreven door Sir Arthur Conan Doyle. Een detective verhaal gemixt met de tweede kant van 's werelds best verkochte jazzalbum, twee dingen die naar mijn mening erg goed samen gaan.

Nu staat 'Reggata de Blanc' van de 'The Police' op. Ik kocht deze elpee ongeveer vier maanden geleden bij de lokale platenzaak van Alphen aan den Rijn. Het verheugt me dat in m'n woonplaats op tien minuten afstand een platenzaak zit. Sinds het aanschaffen van deze elpee heb ik hem slechts sporadisch gedraaid. De reden? Het is niet helemaal m'n muziek. Begrijp me niet verkeerd, ik beleef zeker een hoop plezier nu tijdens het draaien. Maar ik voel niet de behoefte om hem over een week of twee weken weer te draaien. Er zijn een hoop andere albums die veel meer die behoefte bij me oproepen. 'Oh Mercy' van Bob Dylan bijvoorbeeld, maar ook vrijwel alle 'American Recordings' van Johnny Cash.

Enfin, ik luister rustig verder naar 'Regatta de Blanc' en zak achterover met m'n boek...      

vrijdag 24 juli 2015

Gedachten over Dylan #34: De dingen zijn veranderd

Het is al een hele tijd terug sinds ik de laatste 'Gedachten over Dylan' schreef. 11 april om
precies te zijn. Toch is Dylan de afgelopen weken in een grote mate aanwezig geweest. 'Blood on the Tracks', 'Oh Mercy', 'Time out of Mind', 'Tempest', 'New Morning', 'Nashville Skyline' en 'Blonde on Blonde' zijn de albums die ik onder andere beluisterd heb. En eigenlijk zou ik over elk van deze albums een aparte 'Gedachten over Dylan' schrijven. Waarom dat weinige schrijven over Dylan? Ik heb er zelf eigenlijk ook geen antwoord op. Het vele luisteren naar de jazzmuziek? Het grote aantal nieuwe platen, niet van Dylan, wat de afgelopen tijd m'n kast is ingeslopen? Het lezen van een biografie van Frank Sinatra? Ik luister minder naar Dylan dan voorheen, ik zal het maar eerlijk zeggen. Heeft z'n werk in waarde afgedaan bij me? Zeer zeker niet. Het komt gewoon doordat er zoveel meer goeie, soms geniale muziek buiten Dylan is. Er is zoveel buiten Dylan om te ontdekken. En ik zou mezelf tekort doen als ik me alleen zou beperken tot Dylan.

Het wordt tijd dat ik weer regelmatig, een keer of twee per week, over Dylan schrijf,. Over z'n muziek, over hem als persoon. Over wat er in m'n gedachten afspeelt over de man. Want één ding staat vast, Dylan is een interessant figuur.

Terwijl ik dit stukje schrijf  luister ik niet naar Bob, ik heb m'n koptelefoon op en luister naar een plaat van Charlie Parker. Vandaag gekocht bij Homesick Records, een platenzaak in Amsterdam. Voor een groot deel gewijd aan Dylan. Toch moet ik denken aan een nummer van Dylan, 'Things Have Changed'. De dingen zijn veranderd. De broer van 'The Times they are-a Changin'. Of een oudere versie van het lied. Een nieuwe kijk op de constant veranderende tijden. Een duidelijke connectie dus tussen deze twee liederen. De één uit 1963, de ander uit 2000.

'Things Have Changed' is geschreven voor de film 'Wonder Boys' uit 2000. Dylan won een Oscar voor het nummer. Ik moet eerlijk bekennen dat ik 'Wonder Boys' nog nooit gezien heb. Dat moet ik zeer binnenkort gaan doen. Al is het alleen maar om 'Things Have Changed' langs te horen komen. 

De plaat van Charlie Parker loopt op z'n einde. Parker en Dylan hebben niet zoveel met elkaar te maken. Bebop en Dylans muziek zijn een wereld van verschil. Ahoewel, wie Charlie Paker kent, kent vast ook wel Billie Holiday en wie Billie Holiday kent, kent vast ook wel Frank Sinatra. En wie Frank Sinatra goed kent, zal vast ook wel weten dat 'Shadows in the Night', Dylans laatste studioplaat, alleen maar nummers bevat die Sinatra in z'n ontzettend succesvolle carrière ook heeft opgenomen. Enfin, het cirkeltje is weer rond.

Ga ik Dylan nu luisteren. Nee, eerst moet ik de nieuwe Billie Holiday cd luisteren die ik vandaag gekocht heb en wellicht draai ik daarna weer Dylan. Welke plaat is nog een raadsel...   
   

 




 

woensdag 22 juli 2015

Jazz, meer dan muziek #3: Dave Brubeck, de altijd vrolijke pianist

Dave Warren Brubeck werd geboren op 6 december 1920, een winteravond in Californië. Hij studeerde eerst aan de universiteit van de Pacific.  Na zijn afstuderen deed hij z'n dienst in het Amerikaanse leger. Hij speelde piano op een concert van het rode kruis en was een hit. Hij hoefde niet mer te vechten en mocht een legerband oprichten. Hierdoor kwam hij voor het eerst in aanraking met de saxofonist Paul Desmond. Na zijn dienst ging Brubeck compositie studeren bij Darius Milhaud, een fameuze componist en muziekpedagoog.

In 1959 richtte Brubeck samen met Paul Desmond het Dave Brubeck kwartet op. De eerste samenstelling was Brubeck op piano, Desmond op de saxofoon, wisselend Ron Crotty en Bob Bates op contrabas en Lloyd Davis en Joe Dodge op drums. In 1956 nam Joe Morello de plaats op de drums in en in 1958 nam Eugene Wright de plaats in op contrabas. Hij was toen de enige Afro-Amerikaan in het kwartet. Voor die tijd was het zeer ongebruikelijk dat zowel blanken als zwarten met elkaar speelden. Brubeck speelde hierdoor een belangrijke rol in de samensmelting van de jazzwereld tussen blank en zwart. In 1959 was de samenstelling definitief en het legendarische Dave Brubeck kwartet was geboren.

1959 staat bekend als het jaar wat de jazz veranderde. Miles Davis heeft dit jaar natuurlijk de grootste rol gespeeld, maar ook het Dave Brubeck kwartet droegen hun steentje bij. Ze brachten dat jaar namelijk de legendarische plaat 'Time Out' uit. Met natuurlijk het wereldberoemde nummer 'Take Five' geschreven door Paul Desmond, wat de bestverkochte jazzsingle aller tijden zou worden. Het nummer is geschreven in 5/4 maat, vijf tellen per maat dus. Een zeer ongebruikelijke maatsoort tot dan toe in de jazz. Maar ook de rest van de plaat zit meesterlijk in elkaar. Rustig, fijn pianospel. Geweldig saxofoonspel van Paul Desmond. En de begeleiding van de drums en bas vullen het spel goed aan. Een ander voorbeeld van een geweldig nummer op de plaat is 'Blue Rondo a'la Turk. Een bijna klassiek nummer, maar toch net het jazzy randje wat het nodig heeft en het een prachtig stuk maakt. 'Time Out' is een mijlpaal in de jazzwereld.

De jaren na 'Time Out' verlopen zeer succesvol voor het Dave Brubeck kwartet. Ze brengen in 1961 een vervolg uit op 'Time Out' met de titel 'Time Further Out'. Het album gaat door met de unieke maatsoorten. In 1962 komt er weer een vervolg op 'Time Further Out' met de titel 'Time in Outer Space'. In 1964 komt het vervolg 'Time Changes' en in 1966 het vervolg daar weer op met de titel 'Time In'. Al deze albums staan ook wel bekend als de 'Time' serie. Albums die qua thema hetzelfde zijn, maar zeker ook verschillen van elkaar. Buiten de 'Time' serie brengen ze ook een aantal live albums uit. Stuk voor stuk prachtig. Nummers die net anders gespeeld worden als op het album en waar om de melodie heen wordt geïmproviseerd.

Een zeer succesvolle loopbaan dus voor Dave Brubeck en z'n kwartet. In 1967 neemt Desmond door gezondheidsproblemen afscheid van het kwartet, tien jaar daarna overlijdt hij op 53jarige leeftijd aan longkanker. Grote successen scoort Dave Brubeck niet meer, maar hij blijft in de wereld bekend door z'n grote invloed op de jazzmuziek. Hij ontving een groot aantal prijzen waaronder de 'Kennedy Center Honnors'. Een eerbetoon voor z'n levenslange bijdrage aan de muziek en cultuur.

Dave Brubeck overlijdt één dag voor z'n 92ste verjaardag op 5 december 2012 aan hartfalen.

De invloed van Dave Brubeck op de jazzmuziek was en is vandaag de dag nog steeds immens groot. Iemand die ervoor zorgde dat de blanke en zwarte jazzwereld bij elkaar kwam. Altijd vrolijk, altijd een grote lach op z'n gezicht.   

maandag 20 juli 2015

Jazz, meer dan muziek #2: John Coltrane, indrukwekkend, ontroerend spel

John Coltrane, geboren op 23 september 1926, was één van de beste al dan niet de beste
tenorsaxofonisten ooit. In z'n veel te korte leven heeft hij een immens oeuvre achtergelaten. Een muzikaal voorbeeld voor velen. En iemand die met z'n muziek ontzettend veel mensen, waaronder ik, keer op keer laat genieten.

Coltrane begon al op zeer jonge leeftijd te spelen in de bands van onder andere Dizzy Gillespie, Johnny Hodges en Eddie Vinson. Zo kreeg hij al zeer snel naam onder het publiek. Zijn echte succes begint echter pas als de tenorsaxofonist in het kwintet van Miles Davis start. In de jaren dat hij bij Davis speelde kon hij zich van z'n beste kant laten zien en langzaam maar zeker nam hij z'n eerste platen op, op wisselende labels. In 1957 nam hij 'Blue Train' op voor het legendarische Blue Note label. Coltrane ging steeds meer en meer onder de grote bebopartiesten horen.

Coltrane is in 1959 te horen op het baanbrekende album 'Kind of Blue' van Miles Davis ook kwam  hij begin 1960 met 'Giant Steps' op het Atlantic label, wat z'n definitieve doorbrak betekende. 'Giant Steps' was daarbij ook z'n afscheid aan de bebop.











Davis ontslaat hem meerdere keren door Coltranes hardnekkige heroïne verslaving en nam hem een aantal keren terug aan. Hij tolereerde Coltranes wisselende gezondheidstoestand echter niet en na 1960 gaat Coltrane definitief solo.

In 1961 brengt hij 'My Favorite Things' uit. Een mix tussen bebop en modale jazz. Het titelnummer van het album is een arrangement op een nummer uit 'The Sound of Music'. Hoe Coltrane van zo'n musicalnummer een ware jazzklassieker weet te maken, is zeer indrukwekkend en laat het muzikale talent van Coltrane maar weer eens zien.









In de jaren hierna brengt hij, al dan niet met z'n kwartet, nog een aantal zeer verfijnde en
indrukwekkende albums uit. Waaronder: 'Olé Coltrane' en 'Lush Life'. In 1963 komt hij met zijn kwartet met 'Ballads' op het Impulse label. 'Ballads' bevat, zoals de titel al doet vermoeden, alleen maar jazzballads. Misschien muzikaal gezien niet z'n beste of meest verbluffende album, maar voor mij zeker een favoriet. Het gevoel wat Coltrane in z'n spel legt is ongelooflijk mooi. Je voelt wat Coltrane op dat moment voelde. Iedere noot raakt. En de drie overige leden van het kwartet weten goed in te spelen op het spel van Coltrane. Soms op de voorgrond, soms op de achtergrond om Coltrane de ruimte te geven.  Voor mij echt een topper.



In 1964 komt John Coltrane met iets wat nog nooit eerder in de jazzwereld vertoont is. Het
conceptalbum 'A Love Supreme'. Een album wat Coltrane ziet als een eerbetoon aan God en wat voor een groot deel rust op improvisatie net als 'Kind of Blue'. De muziek valt echter totaal niet te vergelijken met 'Kind of Blue'; het is een heel ander concept in de jazz. Het overstijgt bebop en cooljazz, dit is een totaal andere divisie. Toch is dit album niet voor ieder moment geschikt. Er is een hoop geluid op te horen, geen album om rustig te luisteren voor het slapengaan dus. Je moet klaarwakker te zijn om optimaal te genieten van wat er te horen is. Want ieder detail, hoe klein het ook mag zijn, voegt iets speciaals toen aan het totaalplaatje van dit meesterwerk.



In de jaren na 'A Love Supreme' komt hij met nog een aantal zeer goede albums. Waaronder 'Ascension'. Wat verder borduurt op de vrije improvisatie stijl van 'A Love Supreme'. Het zelfs nog een stapje verder brengt; het lijkt alsof alle regels achterwege worden gelaten. Hij speelt zelfs nog voor een zeer korte tijd met z'n vrouw Alice Coltrane als pianist.

Op 17 juli 1967 slaat echter het noodlot toe, de langdurige heroïne en alcoholverslaving van John Coltrane eisen hun tol. Hij overleed op ruim veertigjarige leeftijd. Het is bijna onbegrijpelijk hoe Coltrane in zo'n korte tijd zoveel prachtige muziek heeft opgenomen. In z'n korte leven heeft hij meer voor de jazz en muziek in het algemeen betekent dan vele anderen. Een man die ten onder ging aan z'n eigen talent. Juist doordat hij zo'n immens talent had, was hij gevoelig voor verdovende middelen. Een manier voor hem om rust te vinden in de chaos.

Na z'n dood blijft de stempel die hij op de jazzmuziek heeft achtergelaten enorm. Een muzikaal voorbeeld voor velen. Het spel van Coltrane was uniek, verfijnd. Spel om van te genieten, soms van omvergeblazen te worden en soms ontroerd door te worden...              

zaterdag 18 juli 2015

Jazz, meer dan muziek #1: Miles Davis, de man die de jazz veranderde, de jaren 40 tot 1960

Als je aan mij vraagt wat de jazzmuziek voor me betekent kan ik er makkelijk uren over doen om een antwoord te geven. Jazz is voor mij zoveel, het is meer dan muziek, het is meer dan liefde voor een genre. Jazz is niet te vatten. Jazz is meer een woord voor een ongelooflijk grote verzameling van genres en daar weer subgenres van. Bebop, Hardbop, Post-Bop, Cooljazz, Bossa Nova, West Coast Jazz, Fusion, Funkjazz, Swing, Bigband, Modale Jazz. En dan heb ik nog maar een klein deel van alle stromingen in de jazz gehad. Omdat jazz zo ontzettend veel voor me betekent en ik er vrijwel dagelijks naar luister, wil ik een serie starten op dit blog volledig gewijd aan dit genre. In ieder deel van deze serie zal ik een artiest bespreken. Ik begin met Miles Davis, door velen de grootste genoemd. Of dat waar is kun je uren over speculeren, het staat echter vat dat hij de jazz veranderde. Zelfs een hele nieuw richting begon.

Miles Davis, geboren op 26 mei 1926, begon in de band van Charlie Parker, een man om een een heel
ander stuk over te schrijven. Charlie Parker was toen de grootste, stond aan de wieg van de bebop en heeft ontzettend veel jong talent aan de wereld laten zien. Een ander talent waar Miles erg tegen opzag was Clark Terry. En ja, Terry was ook trompettist. Davis begon dus eind jaren veertig in de band van Parker. Hij was een echte bebopmuzikant. Het tempo lag hoog, veel akkoorden, een hoop 'herrie'. In 1949 had hij zichzelf bewezen als muzikant en bandlid en kon hij beginnen als soloartiest. Hij werd een zeer vooraanstaand figuur in de jazzwereld. Een meester op z'n instrument. Er is echter ook een keerzijde aan de medaille. Juist doordat hij zoveel speelde in de grootste jazzclubs kwam hij in aanraking met heroïne. Hij ontwikkelde een hardnekkige verslaving, het werd op een gegeven moment zelfs zo erg dat z'n spel achteruit ging.

In 1954 leek hij echter alles weer aardig op een rijtje te hebben. Hij richtte het Miles Davis kwintet
op. Hierin speelde onder andere John Coltrane. Met dit kwintet ging hij zich langzaam maar zeker ontwikkelen naar cooljazz. Een tegenreactie op de hardbop. Het spel van cooljazz is over het algemeen rustiger dan dat van bebop en kent minder akkoorden. Cooljazz is dus een mindere aanslag op je gehoor. Dit had albums als 'Birth of the Cool', Round 'Bout Midnight', 'Miles Ahead', een samenwerking met Gil evans, 'Relaxin'' en 'Milestones' tot gevolg. Ook schreef en speelde Davis in 1958 de soundtrack voor de film 'Ascenseur Pour L'echafaud'. Op dit album komt de relaxte, zachte, en mooie klank van de cooljazz echt naar voren.




Nu komen we dan eindelijk uit bij maart 1959 uit. Davis begint met Cannonball Adderley, John Coltrane, Bill Evans, Paul Chambers en Jimmy Cob aan de opnames van 'Kind of Blue. De artiesten krijgen niets meer dan een paar aanwijzingen op papier voorgeschoteld. Davis geloofde in de kracht van het improviseren. Kind of Blue werd op twee dagen opgenomen. Kun je nagaan, twee opnamesessies die een album voortbrachten wat de hele muziek zou veranderen. 'Kind of Blue' heeft de kracht van een groep ongelooflijk getalenteerde, geniale muzikanten bij mekaar brengen. Muzikanten die elkaar haarfijn aanvoelen en perfect op elkaar in kunnen spelen. Het geluid van 'Kind of Blue' ontstond spontaan, bijna toevallig. En dat bijna toeval bracht een meesterwerk voort. Een album waaraan alles klopt. Een album wat bijna perfect is.

Eind 1959 begint hij aan de opnames van 'Sketches of Spain'. Zijn tweede samenwerking met orkestleider Gil Evans. Een album wat dezelfde rust kent als 'Kind of Blue', maar muzikaal gezien een totaal andere richting inslaat. Het album doet z'n titel eer aan; het is een Spaans album. 'Flamenco-jazz', of zoiets. Je zou het bijna geen jazz meer kunnen noemen. Dit album bewijst dan ook hoe ongrijpbaar en divers jazz eigenlijk is. Het gaat van het ene uiterste totaal naar het andere. Het genre bestaat uit eigenlijk alleen maar tegenstellingen.






Na 1960 valt de zo bekende en geweldige groep uit elkaar. Iedereen gaat z'n eigen weg en gaan een glansrijke solocarrière tegemoet. Is het dan over voor het succes van Miles? Nee, in 1964 richtte hij zijn tweede grote kwintet op. In de jaren-70 stort hij zich in de Funkjazz en Fusion en werd hierin even vooraanstaand als in de cooljazz. Een succesvolle muzikale carrière dus voor Miles Davis. Maar hoe succesvol zijn muzikale carrière ook was, zo onsuccesvol was z'n privéleven. Drugs bleven de macht over hem houden, hij had losse handjes, een hobbelig liefdesleven. Een geniale, maar ook een zeer moeilijke man dus. Eén ding staat vast, muziek maken kon hij als geen ander. Davis veranderde niet alleen de jazz, maar ook muziek in het algemeen...

En daarmee komen we aan het eind van deel een van deze serie. Volgende keer zal ik de carrière van John Coltrane bespreken. 

        

donderdag 16 juli 2015

Op de draaitafel #49: Tapestry - Carole King

Er zijn albums die al vanaf het moment dat ze uitkwamen tot vandaag de dag alom geprezen worden. 'Tapestry' van Carole King is er zo eentje. Een plaat die het goede stukje weet te raken, waaraan alles klopt en bovenal is het een plaat die geschikt is voor ieder moment, iedere dag en iedere stemming. De zachte stem, pianospel en begeleidingsband hebben een rustgevend effect. Een echte popplaat waar klassiekers als 'You've Got a Friend', 'Will You Love Me Tomorrow' en 'So Far Away' opstaan.

In maart 1971 kwam Carole King met haar tweede studioalbum, een jaar eerder had ze al 'Writer' uitgebracht wat grandioos flopte. 'Tapestry' kwam echter veel beter terecht bij zowel critici als publiek. Een zeer succesvol liedjesschrijver die zelf ging zingen. Ze schreef onder andere liedjes voor Aretha Franklin, The Everly Brothers en The Shirreles. Nu zong en speelde ze dus zelf. Prachtig, ingetogen pianospel, hetzelfde geld voor haar stem. Zacht, liefdevol, zeer aangenaam om naar te luisteren. Liedjes met een simpel ogende tekst, maar een ware boodschap. En vandaag de dag, ruim 44 jaar na het verschijnen van dit album, weet het hetzelfde als zo lang terug bij mensen los te maken. Klinkt het nog steeds nieuw en even mooi. Is de boodschap van het album nog steeds waar en klinkt de stem van Carole King nog steeds ontzettend mooi.

'Tapestry' is dus een album wat bij het rijtje klassiekers hoort. Bij 'Blonde on Blonde', 'What's Going On', 'Harvest', 'Kind of Blue', 'A Love Supreme', 'Songs in the Key of Life', enz.. Dit zijn allemaal albums die sinds de dag van verschijning tot nu ongelooflijk mooi en goed klinken. Nog steeds alsof ze gisteren opgenomen zouden kunnen zijn.

'Tapestry' is een album wat goed klinkt, makkelijk valt te beluisteren, maar ook op sommige momenten verbluffend klinkt. Ik moet het eerlijk bekennen, ik ben niet gauw weg van een vrouwenstem, Het mist voor mij soms de kracht, of het kleine stukje onzuiverheid wat meer sterkte kan geven aan de boodschap. Maar ik ben wel weg van de stem van Carole King. Haar stem klinkt krachtig, heeft 'soul' en weet te raken. De liedjes zijn opgebouwd uit maar een paar akkoorden. Maar Carole King weet deze paar simpele akkoorden steeds op een net andere manier te bregen. Zodat het spel fijn en absoluut niet saai klinkt.

Kortom vind ik 'Tapestry' zeker een aanrader. Een album om bij tot rust te komen en van te genieten. Een album wat voor iedere stemming geschikt is en een rustgevend effect heeft. En bovenal een album is wat een ware boodschap met zich meedraagt. Een boodschap van vriendschap en liefde, twee dingen waar alles mee staat of valt. Alles draait in de kern om liefde van en voor elkaar...

Cijfer: 9         

maandag 13 juli 2015

Op de draaitafel #48: Giant Steps - John Coltrane

Vandaag heb ik een lang gepland bezoek aan platenzaak Concerto in Amsterdam gedaan. En ik ben meer dan tevreden met een aardige vondst thuisgekomen. Vandaag wil ik graag het eerste album uit deze vondst bespreken, 'Giant Steps' van John Coltrane. 'Giant Steps' is het derde album wat ik van Coltrane heb gekocht, eerder kocht ik al 'Blue Train' en meesterwerk 'A Love Supreme'.

Kant één telt 4 nummers, titelnummer 'Giant Steps', gevolgd door 'Cousin Mary', wat echt voor zijn nicht Mary geschreven is, 'Countdown' en afsluiter 'Spiral'. Het album wordt gezien als het afscheid van Coltrane aan de bebop. En dat valt te merken, de nummers op kant één zijn uptempo, vrolijk, er worden veel akkoorden gebruikt, maar door dit alles is het wel een zeer indrukwekkend geluid. Het raakt me zeer zeker, het is een zeer indrukwekkend staaltje muziek dat zeker. Toch licht mijn voorkeur toch wat meer bij de cooljazz, modale jazz zoals Miles Davis het noemde. De jazzballades weten me echt te ontroeren, en ontroeren doet de eerste kant me niet. Begrijp me niet verkeerd, dit betekent niet dat ik de nummers van de eerste nummers niet goed vind. Integendeel, als ik alleen maar jazzballads zou luisteren, zou het betekenen dat ik een depressief persoon ben. Ik heb zeker zo af een toen een droevige periode en dan heb ik veel behoefte aan 'modale jazz'. Maar ik heb zeer zeker ook periodes dat ik blij ben en dan gaat een stukje bebop er zeker bij me in.

Kant twee begint met 'Syeeda's Song Flute', een nummer geschreven voor de toen tienjarige dochter van John Coltrane. In de liner-notes staat dit geschreven: 'Syeeda’s Song Flute has a particularly attractive line and is named for Coltrane's 10-year-old daughter. 'When I ran across it on the piano," he says, "It reminded me of her because it sounded like a happy, child's song.'
Het doet hem, en mij inderdaad ook, denken aan een vrolijk kinderliedje. Maar toch klinkt het lied verre van simpel of kinderlijk. Het indrukwekkende spel van Coltrane maakt van dit vrolijke kinderliedje een geweldige jazzsong. Die swingt en, zeer simpel uitgedrukt, gewoon goed klinkt. Kant twee gaat verder met het nummer 'Naima'. Een nummer wat Coltrane voor zijn vrouw Naima geschreven heeft. En hier komt naar voren wat ik eerder in dit bericht beschreef; het raakt me, het ontroert me. Een ballad, een lied vol emotie. Je kunt bijna zelf voelen wat Coltrane voor zijn vrouw voelde. Voor mij het beste nummer van de plaat. Kant twee sluit af met 'Mr P.C.',  door Coltrane geschreven voor de legendarische contrabassist Paul Chambers die ook op dit album meespeelde. Die zowel met Coltrane samenwerkte in de band van Miles Davis als dus op dit album waar Coltrane de leider is. Een vrolijk nummer voor een vrolijke man. En Paul Chambers is inderdaad een geweldig muzikant. Hij speelde bijvoorbeeld mee op het legendarische 'Kind of Blue'. Een man die in alle jazzstromingen thuis was.

Samengevat is 'Giant Steps' een ontzettend goede jazzplaat. Niet perfect, maar hij is z'n geld en plaats in m'n platenkast meer dan waard. Een rustig album is het niet. Het swingt, is uptempo en zeer vrolijk, de luisteraar kan even uitrusten en wegdromen bij het prachtige 'Naima' om dan af te sluiten met het vrolijke nummer 'Mr P.C'. Een album wat ik ongetwijfeld nog velen malen uit de kast zal trekken en dan met veel plezier en verbazing zal beluisteren.

Cijfer: 9


       

maandag 6 juli 2015

300 berichten later, zelf muziek maken

Ik heb op dit blog ontzetten veel geschreven over muziek. En vandaag heb ik de 300 stukjes mijlpaal bereikt. 300 stukjes, ik kan het bijna niet niet geloven! Dat is een heus boek over muziek. Over muziek die ik mooi vind en me iedere dag weer verblijdt. Jazz, gospel, blues, soul, noem het maar op. Met als aanknopingspunt telkens weer Bob Dylan, want hij is en blijft voor mij de grootste. En de beste.

Op dit blog heb ik vrijwel alleen geschreven over muziek die anderen maken. Ik heb eigenlijk nooit vertel dat ik de afgelopen twee maanden piano aan het leren spelen ben. En zo heel af en toen probeer ik wat te zingen. Ik heb gemerkt dat zelf muziek maken van een heel andere divisie is dan genieten van muziek die anderen maken. Ik kan er echt m'n eigen hart en ziel in kwijt. Begrijp me niet verkeerd, de muziek die ik maak kan zich echt niet meten aan wat sommigen anderen hebben gedaan. Maar het gaat er niet om wat je speelt, maar wat je erbij voelt. Dat is iets wat ik geleerd heb. Toch ben ik blij dat het piano spelen me aardig afgaat. Ik kan een aantal liedjes spelen als: 'Georgia on My Mind', 'My Funny Valentine', 'Summertime', en "I Fall in Love to Easily'. Ik heb geen les, ik doe het op eigen gevoel. Ik kan geen noten lezen, maar weet wel hoe de toetsen op de piano heten. Ik vul zelf in hoe lang ik een toets vasthoud.

Maar wat kan ik nou het beste met jullie delen? Een improvisatie, want dat is echt echt wat ikzelf op dat moment voelde en wilde spelen. De video is vandaag opgenomen.
video
 

  

donderdag 2 juli 2015

Kind of Blue, avondgenot

Ik heb vanavond, voor jullie is het waarschijnlijk al gisteravond, met een hoop interesse naar de
laatste 'DWDD Summerschool' gekeken. Een college over 'Kind of Blue', het best verkochte jazzalbum aller tijden. En ja, ook bij mij staat ie in de kast, op zowel cd als elpee. Of 'Kind of Blue' ook mijn favoriete jazzalbum is weet ik niet. In de 'Op de draaitafel' over dit album schreef ik dat het zeer zeker wel het album is wat me het meest rustig maakt. Modale jazz, noemde ze het in het college. Dat is waarschijnlijk ook de reden dat dit het jazzalbum het meest beluisterd heb.

Wat voor een persoon was de man achter 'Kind of Blue'? Een junk met losse handjes en een hobbelige weg achter de rug. Een beeld wat van een groot aantal kunstenaars wordt geschept. Creatieve personen zijn gevoelig voor verslaving, zegt men. Misschien is dit wel zo. Creatieve mensen, dus ook zeer zeker muzikanten, zijn verslaafd om orde in hun rust te scheppen.

Ik kan zeggen dat ik verslaafd aan muziek ben, ik kan letterlijk niet zonder. Er gaat geen dag voorbij zonder dat ik muziek heb geluisterd en ik denk dat er geen maand voorbij gaat zonder dat ik naar 'Kind of Blue' luister. Ik kan niet zonder muziek en 'Kind of Blue' omdat het rust en orde in de chaos in m'n hoofd schept. Ik merk vaak dat het stormt in m'n hoofd, ik m'n gedachten niet kan uitzetten. En als ik dan 'Kind of Blue' opzet hoef ik nergens meer aan te denken, behalve aan de muziek.

Weet je wat ik doe, ik pak 'Kind  of Blue' nu uit de kast, leg hem op de draaitafel en ga genieten.. Avondgenot.

12 over elf 's avonds, de laatste klanken van 'Flamenco Skethces' hebben net m'n oren gepasseerd. Een goed begin van de nacht.

LinkWithin

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...